mobilityreporter.nl maakt gebruik van cookies, onder andere om de website te analyseren en het gebruiksgemak te vergroten. Wil je meer informatie over cookies en hoe ze worden gebruikt, bekijk dan ons cookiebeleid. Klik op ‘accepteren’ om optimaal gebruik te maken van de website. Accepteren

Schade in je wagenpark verminderen? Zo doe je dat!

Gepubliceerd:

Schade in je wagenpark verminderen, betekent letten op een afgebroken spiegel, een kras of een deukje. Vaak wordt er bij deze schades met een schuin oog gekeken naar de bestuurder. Een domme fout. Veel organisaties realiseren zich niet dat kleine schades een goudmijn aan informatie zijn die kunnen helpen om verdere schade te voorkomen . Zolang je de bestuurders maar centraal stelt. Risicodeskundige Daisy Beijersbergen en verkeerspsycholoog Adriaan Heino, zijn beiden werkzaam bij Centraal Beheer Achmea en gespecialiseerd in schadepreventie in wagenparken. Zij geven vijf tips waarmee je schade structureel kunt verminderen:

1. Verminder schade in je wagenpark ook echt structureel

Een belangrijke oorzaak van schade is afleiding. Autorijden gaat voor een ervaren automobilist doorgaans op de automatische piloot. Hierdoor ontstaat er ruimte om andere dingen te gaan doen dan autorijden, zoals nieuws luisteren, bellen of gewoon mijmeren. Zolang de situatie niet verandert, is dat niet direct gevaarlijk en kun je op de automatische piloot rijden. Maar zodra de situatie verandert, moet je weer goed opletten. Schade ontstaat bijna altijd wanneer een verandering in de situatie niet de volle aandacht kreeg. Door op zoek te gaan naar de reden waarom dat niet gebeurde, kun je proberen er iets aan doen. Dus waarom was de bestuurder niet scherp, waardoor was hij of zij afgeleid? Als je er in slaagt om de oorzaak van de afleiding weg te nemen, neemt de kans op schade af.

2. Leg een lijntje met de leidinggevende

Als wagenparkbeheerder ben je over het algemeen niet in staat om het gedrag van bestuurders te veranderen. Je kan roepen in de woestijn maar tot een daadwerkelijke gedragsverandering komt het vaak niet. Daar is de leidinggevenden bij nodig. Alleen een e-mail naar de berijder is niet genoeg om de schade in je wagenpark te verminderen. In een gesprek tussen medewerker en leidinggevende moet duidelijk worden wat de achterliggende oorzaak is van de gereden schade.

3. Zet veiligheid op de kaart binnen de organisatie

Aandacht voor veiligheid en schade verminderen in je wagenpark moet breed binnen de organisatie gedragen worden. Als wagenparkbeheerder kun je het op de agenda zetten. Pas wanneer veiligheid binnen de organisatie belangrijk wordt gevonden, kan in de werksfeer opener en aandachtiger over veiligheid worden gepraat. Zo’n open sfeer creëer je door in de nieuwsbrief, tijdens voortgangsgesprekken of werkoverleggen en na een schadegeval expliciet aandacht aan veiligheid te besteden. Veiligheid klinkt positiever dan schade en schept daardoor een open sfeer waarin schade bespreekbaar is.

4. Werk niet met beloning of straf bij gereden schade

Het werken met beloningen of straf bij wel of geen gereden schade werkt eigenlijk alleen maar averechts. Schade melden kost dan namelijk altijd geld. Óf omdat de bestuurder een bonus misloopt. Óf omdat hij bijvoorbeeld (sneller) zijn eigen risico moet gaan betalen. Een betere manier om werknemers te ontmoedigen schade te melden, is er haast niet. Probeer juist met bestuurders in gesprek te gaan om erachter te komen wat er is gebeurd. Wanneer je de oorzaak weg kan nemen, los je structureel schade rijden op.

5. Herken patronen om schade in je wagenpark te verminderen

Gevaarlijke plekken. Bestuurders die bovengemiddeld vaak schade rijden. Allemaal redenen om aan de bel te trekken. Vooral als dat in samenwerking is met HRM of leidinggevenden. Patronen in de gereden schade zijn een uitnodiging om uit te zoeken wat er achter die schade zit. Dat kan bijvoorbeeld liggen aan de ruimte om het bedrijf heen, behoefte aan begeleiding bij de bestuurder of een dieper liggende oorzaak.

Nieuwsbriefbanner