mobilityreporter.nl maakt gebruik van cookies, onder andere om de website te analyseren en het gebruiksgemak te vergroten. Wil je meer informatie over cookies en hoe ze worden gebruikt, bekijk dan ons cookiebeleid. Klik op ‘accepteren’ om optimaal gebruik te maken van de website. Accepteren

3 manieren om meer uit je leasenorm te halen

Gepubliceerd:

 

De traditionele leasenorm is aan vernieuwing toe, aldus Paul Bouwmeester. En door de norm anders op te bouwen, behaal je ook nog eens forse prijsvoordelen.

 

Veel bedrijven werken met een leasenorm in de vorm van een vast bedrag per maand. Vaak kent zo’n leasenorm verschillende klassen of schalen die weer gekoppeld zijn aan verschillende functies. Met dit budget kiezen medewerkers op basis van een vast bedrag zelf een auto. Meestal is dit bedrag ‘ooit een keer’ongeveer als volgt bepaald: Mijn Accountmanager zit in categorie III en moet een VW Passat Station diesel kunnen rijden. Deze kost € 800 per maand, dus dit is het budget voor categorie III. Dat is fijn, want zo hebben ze binnen hun budget keuzevrijheid in wat voor auto ze willen rijden. Toch kleven er ook nadelen aan deze traditionele leasenorm. Want tegenover een vast bedrag staat een variabele markt van continue veranderende brandstof- en rentetarieven, courantheid van modellen en fiscale maatregelen. Kortom: de auto die gekoppeld is aan het vaste bedrag binnen de leasenorm kan in de loop der tijd duurder uitpakken dan je in eerste instantie dacht. En die kosten komen vaak op het bord van de werkgever terecht. Gelukkig kun je de leasenorm ook anders opbouwen, en in de markt worden wel degelijk alternatieven gebruikt. Hieronder 3 manieren om meer uit je leasenorm te halen:

Optie 1: Vaste Leasenorm met beperkte merkenkeuze
Met dit budget kiezen medewerkers nog steeds zelf hun model en type. Alleen beperk jij als werkgever het aanbod tot 1 of 2 door jou voorgeschreven merken. Werknemers hebben dus een beperkte keuze. Als werkgever levert dat een belangrijk voordeel op: je kunt beter sturen op de kosten doordat je extra korting kan bedingen en de auto’s zijn makkelijker herplaatsbaar wanneer medewerkers onvoorzien uit dienst gaan.

Belangrijkste nadelen zijn wel dat medewerkers niet in de auto kunnen rijden die zij willen en dat extra korting niet altijd betekent ook de laagste kosten te hebben….

Mogelijke besparing tot wel € 15 per auto per maand.

Optie 2: Dynamische leasenorm
Per categorie medewerkers stel je ieder kwartaal dynamisch de leasenorm vast. Iedere drie maanden kijk je opnieuw wat de best geprijsde auto op basis van alle kosten uit een zelf vooraf vastgesteld segment auto’s is. Bijvoorbeeld: Mijn accountmanager moet minimaal een VW Passat, Ford Mondeo of Peugeot 508 kunnen rijden, 5 deurs met Bluetooth en navigatie. Het beste tarief van 1 van deze auto’s is tevens het ‘dynamische leasebudget’ van deze categorie. Medewerkers die een auto mogen kiezen, kunnen dus deze auto zonder meerkosten nemen of zelf een ander model kiezen met bijbetaling. Voordeel is dat je als werkgever nooit meer teveel betaalt en medewerkers altijd een auto biedt die je in die categorie representatief vindt zonder de ‘keuzevrijheid’ van medewerkers af te pakken. Nadeel: je moet ieder kwartaal een nieuwe norm vaststellen. Dat levert extra werk op.

Mogelijke besparing tot wel € 20 per auto per maand.

Optie 3: Vaste leaseauto(‘s) (merk/model) per categorie
In deze optie krijgen medewerkers alleen de best geprijsde auto . De medewerker heeft alleen de keuze voor aanschaf van extra accessoires. Dit model levert onmiskenbaar financiële voordelen op voor jou als werkgever: je kiest immers de voordeligste auto en kan doordat je weet hoeveel van dezelfde merken en modellen je nodig hebt gunstige inkoopcondities voor jezelf creëren. Alleen let wel op: je geeft wel de keuzevrijheid van de werknemer op. Dus hoewel goed voor de portemonnee, is deze optie wellicht minder verstandig als je stuurt op medewerkerstevredenheid.

Mogelijke besparing tot wel € 25 per auto per maand.

Wil je desondanks toch vasthouden aan de traditionele leasenorm? Zorg er dan in ieder geval voor dat je calculeert op realistische brandstofkosten. Vaak zijn de werkelijke brandstofkosten een stuk hoger dan de verwachtingen. Een deel van deze afwijking is te wijten aan de te rooskleurige verbruiksbepaling van de fabrikant. Maar door uit te gaan van het daadwerkelijke verbruik en niet de fabrieksopgave voorkom je in ieder geval een hoop financiële verrassingen achteraf. Maak daarnaast (kortings)afspraken met leveranciers van de auto.

 

Blog: Paul Bouwmeester is expert op het gebied van Fleet & Mobiliteitsmanagement. Als Mobility Consultant bij Athlon geeft hij organisaties advies om hun mobiliteitsbeleid duurzamer en goedkoper in te richten, zonder afbreuk te doen aan de praktische behoeften van de leaserijder, de HR-manager en de wagenparkbeheerder.

Nieuwsbriefbanner